Voor een goed vraaggericht aanbod is het belangrijk te weten of het aansluit bij wensen en behoeften. En dat mensen met dementie en hun naasten weten welke dagactiviteiten er zijn en wat ze inhouden. Om ervoor te zorgen dat meer mensen gebruik maken van het aanbod, is er werk aan de winkel. Wat zijn hobbels en valkuilen? Waar zien gemeenten vooral kansen? En zijn er succesfactoren voor het verduurzamen van je aanbod?

Hobbels en valkuilen

Gemeenten willen de wensen en behoeften van mensen met dementie leidend maken voor het lokale aanbod van zinvolle dagactiviteiten. Toch wordt er op dit moment nog veel vanuit aanbod geredeneerd. Dat is een van de conclusies uit het Movisie-rapport ‘Zinvolle dagactiviteiten in gemeenten voor mensen met dementie’ (juni 2021). Gemeenten willen het aanbod graag doorontwikkelen en meer vraaggericht maken, maar zeggen tegen verschillende hobbels en valkuilen op te lopen. Een paar hiervan:

  • Meer dan de helft van de gemeenten ziet schaarse financiële middelen als belangrijkste drempel. Ideeën genoeg, maar geld is een bottleneck. Laagdrempelige dagactiviteiten zijn niet voor iedere aanbieder lucratief genoeg om in te investeren.
  • Voor de begeleiding van mensen met dementie is ongeveer een kwart van de gemeenten afhankelijk van vrijwilligers en verenigingen. Daardoor is de kwaliteit en continuïteit van de begeleiding niet altijd gegarandeerd. Als er al voldoende vrijwilligers beschikbaar zijn.
  • Dementie is een complex probleem, dat volgens gemeenten lastig beheersbaar is. Al was het maar door de groei van het aantal mensen met dementie. Ook zijn er specifieke uitdagingen vanwege de groeiende groep oudere inwoners met een migratieachtergrond.

Mede vanwege de beperkte financiële mogelijkheden zetten gemeenten vaak niet in op uitbreiding van het huidige aanbod, maar op het beter ontsluiten van bestaande voorzieningen voor een grotere groep. Om efficiënter te werken, zoeken zij samenwerking met buurgemeenten. Ook zien zij mogelijkheden in het faciliteren van buurt- en burgerinitiatieven bij het opzetten van dagactiviteiten. Gemeenten willen over dit alles in gesprek gaan met aanbieders, zorgverzekeraar(s), vrijwilligers, mantelzorgers en andere partijen.

Kansen

Veel gemeenten zien intussen ook kansen, bijvoorbeeld in het aanbieden van laagdrempelige inloopvoorzieningen, activiteiten in ontmoetingscentra, (inloop)huiskamers en Alzheimercafés. Door maatschappelijk bewustzijn te creëren voor dementie en inwonersinitiatieven te ondersteunen, willen veel gemeenten dementievriendelijk zijn of worden. In een eerder onderzoek van Movisie uit 2019, komt naar voren welke vernieuwing nodig is om beter aan te sluiten bij behoeften van ouderen (met dementie) en hun naasten. Het gaat onder meer hierom:

  • Zorg voor inzicht in de diversiteit van de populatie, hun behoeften en mogelijkheden. Hoeveel mensen met dementie zijn er? Maken zij wel of niet gebruik van het aanbod? Kijk naar (cijfermatige) informatie, maar ga vooral ook in gesprek met ouderen en hun naasten.
  • Onderzoek of het bestaande aanbod toegankelijk is. Hoe is de informatievoorziening? Is het vervoer op orde? Geldt er een eigen bijdrage?  
  • Het woord ‘dagbesteding’ schrikt vaak af. Termen als dagactiviteiten of daginvulling sluiten beter aan bij de wens van mensen om persoonlijke arrangementen te kunnen realiseren. Daarbij neemt iemand deel aan verschillende activiteiten van bestaande voorzieningen, verenigingen en clubs. 
  • Zoek samenwerking met verenigingen en ondernemers. Faciliteer ze door expertise aan te bieden bij het werven en behouden van vrijwilligers. School mensen goed in de omgang met dementie. Bied ook kennis over cultuursensitief werken aan.

Succesfactoren

In Nederland is veel ervaring met een passend lokaal aanbod. Welke lessen zijn er te leren voor een succesvolle implementatie? We noemen er een paar:

  • Zorg voor gemotiveerde mensen in de lokale initiatiefgroep, onder de eventuele betaalde medewerkers en binnen het vrijwilligersbestand.
  • Doe vooraf een behoeftepeiling in de wijk waar je activiteiten of ontmoetingsmogelijkheden wilt opzetten.
  • Zoek een laagdrempelige locatie waar sociale integratie vanzelfsprekend is. Denk aan buurt- en ouderencentra of een sociaal-cultureel centrum in de buurt.
  • Investeer in samenwerking rond verwijzen, afstemmen van zorg en het uitvoeren van activiteiten. Sluit zo mogelijk aan bij bestaande (regionale) samenwerkingsverbanden.
  • Zorg voor intensieve communicatie en goede pr. Wees steeds zichtbaar in buurt en wijk.
  • Zoek naar financieringsmogelijkheden ‘over de schotten heen’. Je activiteiten spelen zich af op het grensvlak tussen zorg en welzijn. Zet niet alleen in op financiering vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning of de Wet langdurige zorg. Denk ook aan gemeentelijke mantelzorgbudgetten, particuliere fondsen of crowdfunding.

Het realiseren van een vraaggericht aanbod voor mensen met dementie en hun naasten kan een uitdaging zijn. Maar in deze inspiratiewijzer staan veel mooie voorbeelden van gemeenten waar het goed is gelukt. Laat je inspireren door de voorbeelden uit de praktijk. In het stappenplan staan ook veel suggesties. En kijk zeker ook bij de tips.

 Wat te doen met het woord ‘mantelzorger’?

‘Toen de vader van Toine Heijmans ging dementeren, werd hij opeens mantelzorger. Hij vertelt in zijn Ted Talk daarover: ‘Mijn vader overleed bijna een jaar geleden. Hij had de ziekte van Alzheimer. Maar dit praatje gaat niet over hem. Dit gaat over mijn moeder, mijn broer, mijn zus en mijzelf. Want op de dag dat pa zijn diagnose kreeg, werden ook wij gediagnosticeerd.’ Een andere zin uit de column: ‘Mantelzorger – dat klinkt zo zoet en zacht, zo goed-dat-je-dit doet, zo warm en wollig. Maar dat is het niet. Het is wreed. Het is uitputtend. Het is slopend, fysiek en mentaal.’ Mijn vraag aan anderen op dit forum: wat vind jij van het woord ‘mantelzorger’? Dekt de term de lading of zou je kiezen voor een alternatief? Hoe voelt het voor jou om mantelzorger te zijn?’


Een ‘mantelzorger’ op het forum op Dementie.nl